Leverancier, netbeheerder, regulator… Er zijn tal van beroepen in de energiesector! Laten we ze samen overlopen om te zien wat ze precies doen.

Overzicht

  1. Energieproducenten
  2. De leveranciers
  3. De transmissienetwerkbeheerders (TNB)
  4. De distributienetbeheerders (DNB), de voormalige intercommunales
  5. De regelgevende instanties
  6. Ombudsdiensten

Sinds 2012 is de overschakeling naar een andere elektriciteit- en/of gasleverancier echt een stuk makkelijker geworden. Gewone gebruikers zoals jij en ik moeten niet langer wachten tot ons energiecontract is afgelopen. Voortaan kunnen we het op elk gewenst moment opzeggen zonder een opzegvergoeding te moeten betalen. Bovendien zorgt je nieuwe leverancier ook voor alle administratieve rompslomp!

Je zal echter verbaasd zijn dat er op je factuur ook verplichte bijdragen en tarieven worden aangerekend, ongeacht welke leverancier je ook kiest. Deze tarieven zijn de zogenaamde transport- en distributiekosten. Met andere woorden: een eventuele tariefwijziging van deze kosten die je factuur duurder maken zal je gewoon moeten aanvaarden (en betalen).

In dit artikel ontdek je wie wat precies ontvangt voor al die verplichte kosten en zal je een beter inzicht krijgen in hoe de energiesector precies werkt.

1. Energieproducenten

Kerncentrales en windmolens langs het waterZoals zijn naam al aangeeft, wekt een energieproducent dus energie op die later door gezinnen en bedrijven gebruikt zal worden. In België zijn er alleen elektriciteitsproducenten want we hebben geen natuurlijke gasvoorraden. Aardgas wordt dus in het buitenland ontgonnen en daarna ingevoerd.

In november 2017 werd de meeste elektriciteit nog steeds grotendeels (meer dan 74%) op een conventionele manier geproduceerd zoals door kerncentrales (40%), gas- en stoomturbines (33%) of zelfs door steenkoolcentrales. Zoals blijkt uit de energiemix van ons land wordt de rest van de elektriciteit geproduceerd door elektriciteitsinstallaties op basis van hernieuwbare of duurzame energie zoals de biomassacentrales, waterkrachtcentrales en windmolen- of zonnepaneelparken.

In België is de grootste elektriciteitsproducent nog steeds Engie Electrabel. Het bedrijf heeft een productiepark verspreid over 85 sites en ruim 200 productie-eenheden. Het doel is om deze installaties maximaal te diversifiëren zodat klanten over een doorlopend energie kunnen beschikken.

2. De leveranciers

De leverancier, die niet noodzakelijk ook de producent is, is de eerste naam die je op je factuur ziet staan. Dat is ook logisch want hij verkoopt de energie die je verbruikt. Vandaag zijn er bijna 20 verschillende leveranciers in België. Dit grote aantal is te danken aan de vrijmaking van de energiemarkt voor de concurrentie waardoor verbruikers lagere tarieven kunnen bedingen door de prijzen te vergelijken. Zodra je het meest interessante energieaanbod hebt gevonden, moet je alleen nog klant worden bij het bedrijf dat die formule aanbiedt.

Bij de meest bekende leveranciers vinden we de aangestelde of historische leveranciers (aanwezig direct na de liberalisering van de markt): Engie Electrabel, Luminus en Essent. Daarna zijn er langzaamaan ook andere leveranciers op de markt gekomen: Lampiris, Eneco, Eni, Octa+, Mega…

Deze leveranciers kunnen zowel elektriciteit, aardgas of beide aanbieden. Bovendien kunnen ze in één of meerdere gewesten actief zijn. Daarvoor moet elke potentiële leverancier eerst een vergunning voor de levering van energie aanvragen bij een regelgevende instantie op basis van strikte en duidelijke criteria.

3. De transmissienetwerkbeheerders (TNB)

ElektriciteitsmastIn België is er een TNB voor stroom (Elia) en een andere voor aardgas (Fluxys). Deze dienstverlening is niet onderhevig aan concurrentie, een gevolg van de gigantische investeringen die nodig zijn om het netwerk uit te bouwen. Het is dus logisch dat het gebruik ervan door zoveel mogelijk consumenten wordt gedeeld.

De functies van de TNB zijn het transport van elektriciteit van de productiecentrales en van de LNG-terminal in Zeebrugge voor aardgas en de verschillende leveringspunten naar de distributienetten of rechtstreeks naar de industriële verbruikers. Ter informatie, tijdens deze fase wordt de elektriciteit in de vorm van hoogspanning en aardgas onder hoge druk vervoerd. De TNB‘s zijn bovendien verplicht om het globaal evenwicht van het netwerk te garanderen (continu evenwicht tussen productie en verbruik).

De Europese transportnetwerken zijn allemaal verbonden, er zijn dus voortdurend verbindingen en energieuitwissellingen tussen buurlanden. De transportkosten voor stroom zijn eenvoudig te onderscheiden in die zin dat ze rechtstreeks op je factuur staan vermeld.*

4. De distributienetbeheerders (DNB), de voormalige intercommunales

Dit zijn de laatste spelers in de transportcyclus van energie. Zij vormen de laatste verbinding tussen het transmissienetwerk van Elia en Fluxys en de woningen. Hoe? Over de midden- en laagspanningsnetten/lage druknetten die ze zowel beheren als uitbouwen. Dit betekent dat je in geval van problemen met je stroommeter of bij stroomonderbrekingen contact moet opnemen met je DNB (en dus niet met je leverancier). Dit is ook het geval als je je woning wilt laten aansluiten op aardgas of stroom.

Kan ik zelf mijn distributiebeheerder kiezen?

Elke gemeente heeft zijn eigen DNB die een gereguleerde en gecontroleerde instantie is. Ze hebben dus een monopolie op het grondgebied dat aan hen werd toegekend. Voortaan val je dus onder eenzelfde DNB die op basis van je adres werd vastgesteld en niet vrij te kiezen is.

Aangezien hij de planning bepaalt voor de dal- en piekuren, zal het nachttarief niet in alle Belgische gemeenten op hetzelfde moment beginnen.

Merk ook op dat de verschillende kosten die uw DNB aanrekent in detail op uw factuur staan vermeld.

Wie is mijn DNB?

Je kan je distributienetbeheerder makkelijk opzoeken aan de hand van je postcode via onze zoekmodule voor het distributienet.

5. De regelgevende instanties

Waakhond wat betreft de controles uitgevoerd door de marktregulatorenBepaalde spelers genieten een wettelijk monopolie, er werden instanties opgericht om de energiemarkt te controleren en te reguleren. Zij vervullen in zekere zin de functie van energiewaakhonden.

Er zijn drie regionale regulatoren:

  • De Waalse Commissie voor Energie (CWaPE);
  • De Vlaamse regulator van de elektriciteits- en gasmarkt (VREG)
  • De Brusselse regulator voor energie (BRUGEL)

En één federale regulator: de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas (CREG).

De missies van de regulerende instanties zijn:

  • Transparantie en concurrentie garanderen op de energiemarkt;
  • Belangenverdediging van de consumenten;
  • Advies geven aan de overheden betreffende energie;
  • De werking van de energiemarkten controleren.

6. Ombudsdiensten

In België zijn er verschillende ombudsdiensten. Er is één federale, de Ombudsdienst voor Energie en de overige zijn regionaal. Hun doel? Bemiddelen bij klachten van consumenten die een probleem hebben met hun leverancier of DNB en niet tot een minnelijke schikking kunnen komen. Hiervoor moeten ze elk dossier onderzoeken en als ze vinden dat het ontvankelijk is, zullen ze de klant helpen om het geschil op te lossen. Deze instanties hebben echter geen enkele wettelijke macht. Dat betekent dus dat ze de marktspelers niet kunnen dwingen om hun aanbevelingen op te volgen. Als bemiddeling faalt is de enige oplossing om een rechtszaak aan te spannen.

Kortom de consument heeft slechts grip op één speler: de leverancier. We mogen deze beperkte speelruimte echter niet verwaarlozen! Inderdaad, de tariefverschillen tussen de leveranciers, of zelfs tussen verschillende tariefformules van eenzelfde bedrijf, kunnen vaak aanzienlijke verschillen opleveren. Aarzel dus niet om jaarlijks de energieprijzen te vergelijken en als dit de moeite waard blijkt, je huidige energiecontract op te zeggen om een beter contract af te sluiten bij een andere leverancier. Het goede nieuws is dat je deze vergelijkingen in slechts enkele minuten kunt uitvoeren waarna je het meest geschikte aanbod voor je verbruik ontdekt.

—————

* Je hebt vast opgemerkt dat het transportgedeelte voor gas niet op je facturen staat. Deze kost is inbegrepen in het door je DNB aangeduide tarief. Sinds 2015 vraagt de CREG echter aan de leveranciers om de kosten voor het gastransport ook direct op je factuur te vermelden.

Reageren!